Waarom ik (tegen beter weten in) verliefd ben op de organic store

Femke kwam er zelden: in de Natuurwinkel. Ze wilde het wel, maar ze vond het te duur. En toegegeven: ook niet zo gezellig. In ieder geval minder gezellig dan de Appie. Maar nu komt ze dus best geregeld in de Organic Store, wat in feite niet veel anders is dan een Natuurwinkel. Al vindt ze de Organic Store toch ook wel een heel klein beetje Too Much.

Tegenover ons kantoor zit een Organic Store. Met heel duur brood (superlekker), heel dure tonijnsalades en auberginesmeersels en heel dure vegan brownies (ook niet te versmaden). Je zou denken: als het zo duur is, waarom ga je er dan heen? Nou, in eerste instantie was het puur omdat de Appie net iets te ver weg is om te lopen en we voor de aanvullende boodschappen (qua lunch) best een paar euro extra neer wilden leggen om niet dat teringeind naar de Appie te hoeven lopen. Maar naarmate ik er vaker geweest ben, wil ik er nog meer heen. Ik weet niet precies waarom. De Natuurwinkel van vroeger (bestaan ze nog?) vond ik namelijk altijd net iets te geitenwollensokkerig om me mee te associëren en ook vond ik de producten die ze er hadden vaak een beetje stoffig en saai in hun verpakking. Ja, sorry, ik weet dat dat geen criterium mag zijn, maar ik ben nu eenmaal gevoelig voor dat soort zaken.

Maar goed, die organic store dus. Dat is zo’n plek die je kunt liefhebben en tegelijkertijd haten. Dat haten komt niet alleen voort vanuit de exorbitante bedragen die er gevraagd worden voor bijvoorbeeld een brood (zes euro voor een klein speltbrood) maar ook door de extreme hipsters die er achter de toonbank staan. Van die hipsters die jou het gevoel doen krijgen dat je de saaiste muts ter wereld bent. Van die hipsters die, als je hen vraagt of er nog verse tonijnsalade is, zeggen: “Nee, maar mijn kikkererwten zijn epic!” WHUTTT??? Van die hipsters die de tijd hebben en ook de tijd nemen terwijl ze koffie drinken met hun vrienden (terwijl jij dus dat dure brood wil afrekenen). En ja, koffiedrinken kan er dus ook, want de organic store is alles in een.

En toch wil je er zijn. Omdat het er altijd naar versgebakken dingen ruikt: echt zwaar boerenbrood, goeie koffie, muffins (met de helft minder suiker en toch heer-lijk) en vegan brownies (waar dus courgette in zit, zonder dat je daar iets van merkt). Omdat de doosjes thee, koffie en kruiden aantrekkelijk verpakkingen hebben. Omdat het uberhaupt een heel goed gestyled en gezellige plek is (afgezien van die enge hipsters dus).

Eerlijk gezegd ben ik een beetje verslaafd aan de Organic Store geraakt. Ik zeg tegen mezelf dat het nu eenmaal beter is om mijn stukje gember (voor twee euro meer) of pak melk (voor 1 euro meer) daar te halen dan bij de reguliere supermarkt, omdat het op een verantwoorde manier geteeld/verkregen is. Met minimale impact voor dier en aarde. Maar ik houd mezelf natuurlijk voor de gek: ik kick gewoon op de hipheid, de kleurtjes en de smakelijke geurtjes. Was ik echt zo bewust geweest dan was ik een paar jaar geleden wel vaker over de drempel van de Natuurwinkel gestapt.

LEES OOK: #cleaneats Eh wat? En vooral waarom?